In de recensie van Pickpocket werd er nog gefocust op het emotieloze karakter van Bresson’s films en een van de redenen voor deze werkwijze betreft zijn voorkeur om de kracht van de beelden aan te wenden. Cinema ontstaat door camerawerk en montage en niet door toneelmatig acteren. Een vaak gehoorde kritiek op de man’s werk gaat over het louter formalistische karakter van de films. Vorm boven inhoud als het ware. Dat zijn films veel nadruk leggen op de stijl klopt zonder meer maar het is net door het geslaagd gebruiken van die stijl om de inhoud over te brengen dat er goede films uit voortvloeien.

Het verhaal van Jeanne d’Arc kent ondertussen iedereen wel. Zij wordt beschuldigd van blasfemie aangezien ze verkondigd had dat Sint-Michael voor haar verschenen was. Tijdens een lang en zenuwslopend proces wordt ze gedwongen te bekennen zodat ze haar op de brandstapel kunnen gooien. Bresson’s film houdt zich enkel bezig met dit proces en is gebaseerd op officiële transcripten van het echte proces. De korte speelduur, slechts 65 minuten, zorgt ervoor dat dit kan zonder saai en eentonig te worden.
Over het algemeen wordt deze film niet als een van de beste uit Bresson’s carrière aanzien. Toch is het verhaal van Jeanne d’Arc een logische keuze aangezien zij, net als veel andere hoofdpersonages van Bresson, overmand is door eenzaamheid, (on)schuld en boetedoening. Ook in deze film komt zijn typische stijl weer naar voren. Kil, emotieloos en beelden die focussen op details. Er is geen muziek te bespeuren en aldus weinig ruimte voor emotionele identificatie met de personages. Dit zakelijke karakter van de film past echter wel degelijk bij dit verhaal en het maakt het voor de kijker nog zwaarder dan het al is.
Toch valt het enigszins te begrijpen waarom deze film geen grote status heeft verworven in de filmgeschiedenis. Eerst en vooral wordt de film natuurlijk telkens vergeleken met de uit 1928 stammende film, La Passion de Jeanne d’Arc van de regisseur C.T. Dreyer. En het is nu eenmaal moeilijk om daarmee te moeten concurreren want Dreyer’s meesterwerk is zonder twijfel een van de meest indrukwekkende (stille) films ooit. Een ander aspect dat ook in het nadeel speelt van Bresson’s film is zijn moderne uiterlijk. Voor een film die zich afspeelt in de 15e eeuw is dat natuurlijk nefast voor de beleving. Het kale en haast decorloze karakter van Dreyer’s film zorgt ervoor dat de film haast tijdloos oogt en daardoor wordt dit euvel vermeden. Toch is ook Procès de Jeanne d’Arc een sterke film met name door de typische beeldtaal en komt het einde bijzonder hard aan. Verlossing met een bijzonder wrange nasmaak, perfect weergegeven door Bresson’s functioneel formalisme.



