De film is een waarachtig sprookje, waar mensen vermonsteren en monsters vermenselijken. De belevingswereld van 9-jarige Max is speels maar ook heel ruw. Regisseur Spike Jonze, bekend van zijn analytische Being John Malkovich (1999) en Adaptation (2002), toont met Where the Wild Things Are een geheel andere zijde van zijn talent. Net als personage Max heeft Jonze zich ‘eigenaar gemaakt’ van een ‘wilde wereld’. Jonze vertaalt Maurice Sendaks boek naar een zeer intuïtieve, intieme film die tegelijkertijd ook episch en primitief aanvoelt.

Max (Max Records) racet door de kamer achter de hond aan, gekleed als een dolle wolf. Max’ fantasieën komen deels ook voort uit eenzaamheid. Zijn zusje wil niet meer spelen, ze is nu te oud voor kinderlijke ongein. Maar wanneer Max het spel (en zijn denkbeeldige oorlog) forceert door sneeuwballen te gooien naar haar vrienden, neemt het de verkeerde wending. De jongens zijn te groot en vermorzelen zijn zelfgebouwde iglo in hun lompheid. Max speelt het best alleen, met zijn eigen (denkbeeldige) vrienden.
Jonze maakte Where the Wild Things Are naar het wereldberoemde boek van Maurice Sendak uit 1968. Sendak is een befaamd kinderboeken schrijver uit de Verenigde Staten. Hij staat bekend om zijn controversiële kinderboeken die in Amerika vaak door de (freudiaanse) symboliek tegenstand ondervonden bij uitgeverijen en bibliotheken. Zijn boeken werden vaak te griezelig bevonden voor kleine kinderen.
Jonze heeft het boek – dat slechts uit tien zinnen bestaat – een geheel eigen invulling moeten geven. Het is verademend te zien dat Jonze heeft gekozen voor een nuchtere verfilming van Max’ ‘wilde dingen’. De wereld van de ‘wilde dingen’ is speels, te groot voor Max en ook wel wat angstaanjagend. De film is gelukkig niet een over de top ‘fantastische’ verbeelding, maar een heel echte wereld waar Max ook heel kwetsbaar in lijkt. Evengoed weet hij in zijn kleine uppie zijn nieuwe vrienden te temmen en samen op ‘wilde rumpus’ te gaan – een wilde speelpartij.
Het meest indrukwekkende element zijn vooral de kostuums, gemaakt door Jim Henson’s (Sesamstraat) Creature Shop. De wilde vrienden van Max zijn door performers geacteerd en met stem tot leven gewekt door Forest Whitaker, James Gandolfini, Catherine O’Hara en Lauren Ambrose. Gefilmd met handheld camera lijken ze reusachtig, knuffelig en onhandig. Max moet er voor oppassen dat hij niet geplet wordt wanneer ze slapen in een ‘hoop’.
De film is meer een vertelling over emoties dan over morele lessen die we leren wanneer we opgroeien. Max’ pure en intense emoties lijken te reflecteren in de karakters van zijn reuzen vrienden. Ze zijn kwetsbaar, depressief, boos, voelen zich niet gezien, of zijn juist heel zachtaardig, bescheiden, behulpzaam en aanhankelijk. De worsteling wat te doen met deze gevoelens is wat de film voortbeweegt. De oplossingen voor problemen als deze zijn in Max’ wereld kinderlijk eenvoudig: je eet ze op of je leeft je uit met kluiten aarde. Bekogel elkaar en hopelijk zal je weer herinneren wat het betekent om lol te maken.

Bekijk de trailer

