Om maar eens met een lekker dramatische kop te openen. Vandaag is mijn laatste dag Film by the Sea. Dat betekent geen zilte Zeeuwse zeelucht meer, geen enorme rollen kebab voor een habbekrats maar vooral natuurlijk even geen internationaal filmprogramma meer. Ik word er een beetje weemoedig van, eerlijk waar.
De afgelopen dagen ben ik toch echt wel verknocht geraakt aan Film by the Sea. Qua oppervlakte een klein festival, maar met grootse pretenties en een mooie, sterke en internationaal georiënteerde line-up. Sinds dag één en de bijzonder hartelijke ontvangst bij de persbalie is eigenlijk alles in kannen en kruiken geweest. Dit heeft ervoor gezorgd dat ik als bezoeker optimaal kon genieten van het uiteindelijke doel van het festival: films kijken. Vandaag de laatste dag, op het programma stond als eerst een film van een vermeend Frans grootmeester die ik eerlijk gezegd zelf nog niet kende: Alain Renais.

Les Herbes Folles
Ik zei vermeend, want ik het dit grootmeesterschap tijdens mijn eerste kennismaking met zijn werk, Les Herbes Folles, helaas niet mogen ontdekken. Ik verwachte een groots geregisseerd verhaal, wellicht een coming of age Amélie op basis van de eerste filmbeschrijving die ik las. Een man vindt een gestolen portemonnee en raakt op basis van enkele foto’s in deze portemonnee bijzonder geïntrigeerd door de oorspronkelijke eigenaresse. Na het nodige gestalk en een daaruit volgende klaagzang van de vrouw in kwestie, raakt zij uiteindelijk ook geprikkeld door de eerlijke (?) vinder. Helaas. Niets bleek minder waar. Waar het in Les Herbes Folles vooral om lijkt te draaien zijn allerlei ondoorgrondelijke regisseursgrappen die eigenlijk steeds meer vragen oproepen die onmogelijk tot antwoord te herleiden blijken. Eigenlijk dus een erg vervelende film waar ik me nauwelijks mee vermaakt hebt. Expertmentaliteit: niks mis mee. Renais’ 48e (!) wapenfeit werkt echter alleen maar op de zenuwen van de kijker.
De daarop volgende film, Gigante, meent zich een stuk minder pretentieus te moeten profileren. Luizige baantjes, hardrock muziek, liters bier: het leven van Jara gaat niet bepaald over rozen. Maar ondanks dit leven aan de ondergrens van de maatschappij, blijft Jara – zoals Roald Dahl het ons jaren geleden al zo treffend wist te melden – een grote vriendelijke reus. Dit bijzonder lieflijke karakter – en zijn mooie blauwe ogen – zorgt er thans ook voor dat de film van meet af aan zorgt voor een onafwendbaar gevoel van sympathie voor de hoofdrolspeler.

Gigante
Wanneer hij stiekem verliefd wordt op een schoonmaakster die hij tijdens zijn beveiligingswerk stiekem bespieden kan, krijgt zijn leven richting en ontstaat een droom om achterna te jagen. Dat Jara dit op wellicht ietwat discutabele, onhandige zo je wilt, wijze aanpakt draagt slechts bij aan zijn aandoenlijke karakter. Zo wens je gedurende de film vooral dat hij zijn droom weet te verwezenlijken en boven zichzelf weet te stijgen door de vrouw van zijn bewakingscameradromen met de waarheid te confronteren. Dat dit soort zaken voor Jara geen dagelijkse kost zijn, blijkt uit de bijzonder grappige, maar eigenlijk vooral meelijwekkende situaties waarin hij verzeild raakt. Ik kon het zelfs niet droog houden. Of hij het meisje uiteindelijk om zijn vinger weet te winden? Ga dat zelf maar zien. Gigante is hoe dan ook, zonder twijfel en met stip een van mijn festivalfavorieten tot nu toe!
Aansluitend was het zaak het allemaal wat hogerop te zoeken – op de maan welteverstaan. De film Moon heeft op papier alles in zich uit te groeien tot een cultklassieker. Klein budget, een plot met veel twist erin verwerkt, ijzersterke acteerprestatie – Sam Rockwell is praktisch gezien de enige acteur en weet met verve de kijker tot de laatste minuut geboeid te houden. De voornaamste vraag die je als kijker jezelf zult stellen tijdens het kijken van Moon is: gebeurd dit écht, of hebben we hier te maken met hersenspinsels van de hoofdrolspeler? Sam Bell, gespeeld dus door Sam Rockwell, werkt op de maan aan het oogsten van de brandstof helium 3. Na deze schone taak bijna drie jaar met plichtsbesef te hebben uitgevoerd, naderen de laatste twee weken van Rockwell’s ruimtelijke werkzaamheden. Maar juist deze laatste twee weken blijken funest: Rockwell krijgt last van waanbeelden ingegeven door zijn lange periode van verplicht solitair leven en zijn robotassistent kan hem niet meer de antwoorden geven waar hij innig naar snakt.

Moon
Hoewel Moon niet het grandioze epos is waar ik op had gehoopt, is het alsnog een spannende, enorm onderhoudende film die de kijker tot het laatste moment op het puntje van de stoel weet te houden. Dit niet in de laatste plaats vanwege het claustrofobische gevoel waar je mee opgezadeld wordt. Je wordt daadwerkelijk deelgenoot gemaakt van het afzien dat een astronaut moet ondergaan en uiteindelijk meegezogen in de uitzichtloosheid van de laatste periode. Denk aan een marathonloper die reeds verslagen en uitgeput zijn laatste kilometer nog moet lopen en je krijgt een idee van de ernst van de situatie. Moon weet op relatief unieke wijze het science fiction genre zonder gebruik van een enkel laserschot of buitenaardse invasie nieuw leven in te blazen. Alleen hiervoor al hulde.
De slotfilm van Film by the Sea beloofde ook een première van formaat. Weken voor de daadwerkelijke start van het festival was al bekend dat dit (500) Days of Summer zou worden. Op basis van de ontvangst in de Verenigde Staten beloofde dit het door mij gehoopte nazomerse komisch drama te worden, aangezien New York, I Love You alles behalve indruk wist te maken. Hordes mensen hadden schijnbaar dezelfde behoefte, want de toestroom was aanzienlijk en het was dringen geblazen om binnen te komen. Gelukkig was de film in drie zalen tegelijk geprogrammeerd, wat zorgde voor genoeg plaatsen van de hongerige dramabehoeftigen. Van meet af aan werd duidelijk dat (500) Days of Summer de toon die New York, I Love You zo pijnlijk ontbeerde, wel wist te raken. Humor, pijnlijke situaties, kleurrijke mensen in een even zo kleurrijke stad: alle ingrediënten voor een film van formaat waren aanwezig. Tel hierbij een ijzersterkte soundtrack op en je hebt een film die zowel jong als oud publiek zal weten te bekoren – dit niet in de minste plaats vanwege het verhaal dat universeel herkenbaarheid en sympathie op zal weten te wekken. En tja, Zooey Deschanel. Ook al is de film nog zo pet, in die diepblauwe ogen verdrink je toch wel.

(500) Days of Summer
En zo kwam een festival tot een einde. Altijd een veel te abrupt en confronterend moment: het onvermijdelijke zwarte gat. Wat nu te doen met al die zeeën van tijd? Gelukkig kan ik mezelf binnenkort tegoed aan de Nederlandse film op het NFF te Utrecht, maar ik zal Zeeland enorm missen. Niet alleen de vriendelijke mensen en de provincie, maar ook bioscoop Cinecity te Vlissingen, waar ik de afgelopen anderhalve week toch wel stiekem een beetje mijn plekje heb weten te vinden. Film by the Sea heeft bij mij echt voor een bijzonder aangename belevenis gezorgd die ik niet snel zal vergeten. Vooral de mooie, diverse line up heeft hier aan weten bij te dragen, met enkele onbekende toppers als hoogtepunt. Die wil ik jullie dan ook tot slot, doch met klem, meegeven. About Elly, The Limits of Control, Gigante, Moon en Nord waren dit festival toch wel mijn persoonlijke favorieten en kunnen dus veilig aangeraden worden. Daarnaast heeft De Storm haar gedroomde première beleefd in provincie van oorsprong. Ten tijde van mijn schrijven had alleen die film alleen al meer dan 11.000 man publiek weten te trekken – ongetwijfeld ook erg veel nieuwsgierigen uit de omgeving. Hiermee heeft Film by the Sea niet alleen mooie cinema een onderkomen weten te bieden, het heeft eveneens een breed publiek weten aan te spreken en hiermee wellicht nieuwe aanwas filmliefhebbers – of toch wel minstens geïnteresseerden – weten te kweken. En dát is toch wel een bijzonder dankbare taak.


